Lokichoggio
Sunday, January 28th, 2007Het lijkt net alsof we in een droom zitten, misschien een film zijn binnengestapt, de wereld van The Constant Gardener, maar ook alle herinneringen van onze training met Medair (ROC) komen weer boven. Het is onbeschrijfelijk. Datgene wat we hebben uitgesproken tijdens onze presentatie en wat steeds in onze gedachten is geweest wordt nu werkelijkheid. Maar we hebben ons nog zoveel minder kunnen voorstellen dan we nu daadwerkelijk beleven. Lokichoggio is een aparte plaats, die eigenlijk alleen maar bestaat vanwege de hulporganisaties. Hoe klein Lokichoggio ook is, het heeft een internationale luchthaven waar vliegtuigen volgeladen met hulpgoederen constant landen en opstijgen.
Op onze reis naar deze luchthaven zien we dat het regenseizoen al weer lang achter de rug is en de zon haar sporen nalaat. Het is dor en droog, hier en daar wat struiken sieren het toneel, afgewisseld door stenen en verder eigenlijk niets. Pas als we daadwerkelijk vlakbij de luchthaven aankomen zien we tukuls, geiten, de rivier en mensen.
Toeristen zie je hier niet of nauwelijks, de Lonely Planet vond het dan ook niet nodig haar naam te noemen. Het feit dat hier mensen leven en niet alleen op doorreis zijn schokt me. Je ziet allerlei kreten op hun bouwsels staan met de bedoeling om iets te verkopen, maar wat ze nu precies doen… buiten de paar herders die je echt een kudde geiten ziet hoeden… ik weet het niet! Ik denk dat het woord overleven hier meer van toepassing is dan leven! Sommige mensen dragen de traditionele kledij en dit is fantastisch, er gaat een soort trots uit van de Turkana (dat is de naam van de stam waarvandaan de meeste mensen komen). De vrouwen dragen zoveel mogelijk kettingen om hun nek en soms vraag je je echt af hoe ze deze kettingen er allemaal om hebben gekregen. Sommige mannen dragen een groot laken om zich heen en houden traditioneel een stok in hun hand, met een uitsparing aan het eind die soms ook als stoel kan dienen. Voor de vrouwen misschien niet toegestaan, maar de mannen dragen het wel… een minirok! Het zijn bijzondere, maar ook prachtige mensen, ik hoop dat we de mogelijkheid krijgen om ze een keer te “spreken”. De eerste woorden swahili zijn geleerd, maar het schijnt dat de Turkana ook nog hun eigen taal hebben. we hopen binnenkort zelf een keer rond te lopen in het dorp, overdag is dit niet gevaarlijk en kan dat gewoon, al ben je als blanke constant een punt van aandacht en wordt er Mzungu, mzungu (wat “blanke” betekent) geroepen.
Vanochtend zijn we naar een kerkdienst geweest. Er zijn hier tientallen verschillende diensten, de een meer traditioneel, de ander wat charismatischer, weer een ander een combinatie van verschillende invloeden. Wij zijn naar een traditionele Anglicaanse kerk geweest, samen met twee van onze Keniaanse collega’s van Medair. Het was een fijne dienst. 70% in het engels en 30% in Swahili. Een klein meisje was zeer onder de indruk van Willem en had haar handje al aan het begin van de dienst in de zijne geklemd. De dienst ging over de roeping van de discipelen en het feit dat ze alles achterlieten om Jezus te volgen. Vol passie werd er gesproken over wat dat voor ons betekent. Wij zijn er vol van en hopen de liefde die God diep in ons legt, te mogen uitstralen naar de mensen hier en straks in Soedan.
We zijn inmiddels met ons werk begonnen. Er liggen veel, heel veel uitdagingen op ons te wachten. Onze werkdagen zijn in ieder geval de komende maanden volledig gevuld en we hoeven ons niet te vervelen, dat is duidelijk. Van IT-processen stroomlijnen, tot rapporten voorbereiden, opslagplaatsen bezoeken, T-shirts laten bedrukken met Medair logo en ‘t werk wat we doen daarmee “samenvatten”, verhalen schrijven, e-mail-mogelijkheden verbeteren en noem maar op. Binnenkort zullen we ook hier wat meer van vertellen.
’s Ochtends gaan we rond een uur of 6.30 uur ons bed uit. Dan is het hopen dat er een klein beetje druk op de douche staat, want het komt ook wel eens voor dat je je heerlijk ingezeept hebt en ineens de druppels minder worden en de douche er vervolgens gewoon mee stopt. Dan hoor ik in het “mannengedeelte” nog zacht wat water lopen en denk ik… tsja, we kunnen niet altijd allemaal tegelijk water krijgen…
Geduldig wacht ik in mijn hokje op wat volgende druppels water, want wij hebben tenminste nog stromend water hier en dat ervaar ik als een enorme luxe. Soms klettert het water er ook achter elkaar uit en denk je: dit is mijn mogelijkheid om mijn haar te wassen en daar maak je dan ook dankbaar gelijk gebruik van. Warm of koud water is niet te kiezen, maar als je ’s avonds gaat heb je kans dat je warm water krijgt omdat het aardig heeft staan op te warmen en als je ’s ochtends gaat, dan hoor je verschillende mensen jodelen omdat het ineens toch wel voelt als een aardige koude douche. Maar het verfrist beiden en daar gaat het om, want zweten doe je hier, liters! Vandaag is het een warme dag, meer dan 50 graden (in de zon dan wel… maar toch…) wordt gezegd, ik geloof ze meteen. Wij hebben gelukkig aardig wat aan de temperatuur mogen wennen en hij ging geleidelijk aan omhoog. Vandaag staan er nauwelijks wolken aan de lucht en is binnenzitten de enige echte mogelijkheid om een stukje koelte van de “ventilatoren” mee te pikken. In de “ERT” (gezamenlijke woonkamer zeg maar) is er zelfs airconditioning en daar zit ik nu dan ook heerlijk met mijn laptopje dit verhaal te typen.
Ons eten staat drie keer per dag klaar in een van de restaurants voor de NGO’s. We kunnen kiezen uit drie verschillende restaurants en wisselen dat dan ook af, de “doorgewinterde Medair-medewerkers” weten precies op welke dag we waar moeten zijn en we volgen hen dan ook trouw. Er is iedere dag van de week iets anders, maar dan week in, week uit hetzelfde. Dus de eerste week heb je veel afwisseling, maar na een paar weken wordt het wel wat eentoniger, maar voorlopig zijn wij nog heel blij met deze luxe en genieten wij ten volle van deze maaltijden! We ontbijten voordat we om kwart over acht samen met “devotions & worship” starten. Het ontbijt kan bestaan uit fruit en amerikaanse pannenkoeken, maar ook uit een (het zij blauw - pa en ma, hier komt die eierkoker wel goed van pas) gekookt eitje, corn flakes, aparte broodjes of salade. Persoonlijk doe ik hier aan hoe we in Nederland zouden moeten eten, (Ontbijten als een keizer, lunchen als een koning en avondeten als een bedelaar). Dit gaat niet in alle gevallen op, want soms heb je een barbecue of pizza en dan gaat er ook ’s avonds lekker wat in! Maar over het algemeen neem ik ’s middags en ’s avonds meestal alleen wat groenten, aardappeltjes of rijst en laat ik het vlees voor wat het is.
Ons is verteld dat het eten in Malakal echt grotendeels bestaat uit rijst met bonen (ik wou dat dat m’n lievelingskostje was), dus ook hier genieten we weer met volle teugen van de variatie die we nu nog hebben.
Gisteravond gingen we eten in een restaurant dat net buiten ons kamp in een ander kamp zit, onderweg kwamen we de eerste vormen van armoede weer tegen. Verschillende kinderen roepen “hello, hello, mzungu, I’m hungry, do you have shillings for a banana?” Dat is iets wat ik heel moeilijk vind en wat echt nog een plekje moet krijgen van hoe te reageren. Ik geef ze antwoord, maar ik weet ook dat ik ze nu niets aan geld of goederen kan geven omdat er de volgende keer dan 45 kinderen zullen staan en ik niet aan hun wensen kan voldoen. Maar ik kan ze aandacht geven en dat doe ik dan ook. Sommigen negeren ze omdat ze anders mee blijven lopen en “nee” is natuurlijk “nee”, maar dat hebben ze nog niet zo goed begrepen. Dit is iets wat ik het allermoeilijkste vind, dat we ze niet allemaal kunnen helpen. En het mededogen die ik voel als ik ze zo zie lopen in hun vieze kloffie en met hun bonige lijfjes. Dat heeft tijd nodig en het nare gevoel zal denk ik nooit helemaal verdwijnen, maar daarom zijn we immers ook hier…
We zien vogels in de meest bijzondere kleuren, af en toe zit er een verdwaalde aap in een boom. Sprinkhanen springen, of eerder gezegd vliegen voor je uit als je over de dorre grond loopt. Je moet goed kijken waar je loopt, niet zozeer voor het aantal enge beesten wat hier zit (dat valt wel mee), maar meer omdat hier heel veel doornen-bomen staan en ik kan je vertellen, dat zijn andere dorens dan ik in Nederland gewend ben! Dit zijn gewoon vlijmscherpe naalden die dwars door de bodem van je schoenzolen heen gaan! Ik ben gewaarschuwd toen een doorn op een haartje na dwars door m’n slippers heen, m’n kleine teen net miste.
We zullen waarschijnlijk nog wel een paar weken in Lokichoggio blijven, Francis (onze teamleider) gaat dinsdag naar Malakal om daar verdere voorbereidingen te treffen. De VN heeft aangegeven dat er nog meer veiligheidsmaatregelen moeten worden genomen voordat er meer dan 2 a 3 mensen de Medair compound mogen bewonen. Dat gaat Francis dus samen met twee Keniaanse medewerkers verzorgen. We kunnen in principe ons werk ook vanaf elke lokatie doen, dus dat is geen probleem, maar we kijken er wel naar uit om straks ook uiteindelijk in Malakal terecht te komen.
Het is een lange blog geworden, met veel over de omgeving, onze gevoelens en minder over wat we hier daadwerkelijk doen, maar dit omdat we jullie ook willen laten kennismaken en een beetje een gevoel willen geven wat het is. Het is fantastisch, soms ook moeilijk, maar een beleving die we niet willen missen! Foto’s volgen binnen een paar dagen…

